Weg

Wij liepen langzaam, af en toe keek ik naar hem. Het was een helder dag begin November, ik probeerde bij hem dichterbij te komen, maar hij nam afstand, altijd meer afstand.
Ik liep zonder schoenen en daarom waren mijn voeten ook koud, maar ik voelde even de vrijheid, vrijheid!
Hij stopte opeens, hij ging op zijn kieën en verstopte zijn gezicht met de handen, zijn grote handen.
Ik voelde me zo eenzaam op dat moment, daar hadden we zo veel mooie momenten meegemaakt, maar nu waren ze allemaal weg, zijn lach was weg, alles was weg.
Ik keek nog een keer naar hem, daar, kapot van de pijn, ik vroeg me af of het nog goed zou komen, zou dat nog kunnen?
Daar had ik geen antwoord op, en toen keerde ik, ik liep, weg, ver weg.
Ver weg waar zijn lege ogen niet meer in mijn nachtmerries zouden voorkomen, weg van zijn tranen, ver weg waar de pijn mij niet kon raken, weg waar zijn koude ziel mij niet meer vasthield, ver weg van hem, weg uit die strand waar onze herinneringen zouden blijven. Weg.

By Marta Muñoz Torres with No comments

0 comentarios:

Een reactie plaatsen